Russische sprookjes, volksverhalen en legenden toont schilderijen en werken op papier van Viktor Vasnetsov, Ivan Bilibin, Elena Polenova, Mikhail Vroebel, Nikolaj Roerich en Vasili Kandinsky van het einde van de negentiende en begin van de twintigste eeuw. De werken variëren van grote schilderijen op doek tot illustraties in sprookjesboeken.
Zij verbeelden ieder op eigen wijze en in een eigen stijl de Russische verteltraditie. Hun werk is invloedrijk in Rusland, zowel in de kunstgeschiedenis als in commerciële toepassingen zoals chocoladepapiertjes en ansichtkaarten, maar is in West Europa nauwelijks bekend. Dat geldt ook voor de onderwerpen.
Russische sprookjes bestaan uit sprookjes die geschreven werden in de negentiende eeuw, bijvoorbeeld Tsar Saltan door Alexander Poesjkin, maar ook uit volkssprookjes die eeuwenlang van mond tot mond zijn overgeleverd, zoals Ivan de Tsarenzoon, de grijze wolf en de vuurvogel en Vasilisa de Schone. Naast sprookjes komen ook legenden aan bod, met name de heldendichten (bylinen), zoals Ilja Moeromets en de Rover Nachtegaal en Volga en Mikoela.
De Russische sprookjes en legenden zijn minder moralistisch dan de westerse sprookjes. Ze waren niet zozeer voor kinderen bedoeld, maar juist voor volwassenen. Invloedrijke componisten en kunstenaars hebben ze uitgebeeld en ze daarmee diep verankerd in de Russische cultuur.
Viktor Vasnetsov (1848 - 1926) schilderde monumentale doeken in realistische stijl, die veel gereproduceerd werden en hem grote bekendheid gaven. Hij probeerde een authentiek beeld van de Russische cultuur te geven, door veel onderzoek te doen naar kleding en voorwerpen. Vasnetsov speelde een belangrijke rol in de kunstenaarskolonie op Abramstevo, het landgoed van maecenas Savva Mamontov. Dat geldt ook voor Elena Polenova (1850 - 1898), autodidact en de eerste kunstenaar die sprookjes illustreerde, die zij soms ook zelf schreef; en Mikhail Vroebel. Vroebel (1856 - 1910) heeft samengewerkt met Vasnetsov, maar zijn stijl is niet realistisch. Hij maakte bijvoorbeeld decors voor opera's van Rimsky-Korsakov, waarin zijn vrouw optrad. Evenals Vasnetsov en Polenova deed ook Nikolaj Roerich (1874 - 1947) onderzoek naar de ontwikkeling van de Russische kunst en cultuur. In opdracht van een textielfabrikant schilderde hij zeven grote schilderijen van helden uit de oude legendes, over de drie Bogatyrs en Sadko. In tegenstelling tot het realisme van Vasnetsov, worden zijn voorstellingen gekenmerkt door expressieve kleur en soms haast gestileerde vormen. Ivan Bilibin (1876 - 1942) werkte in een geheel andere, sterk lineaire stijl, waarin hij vrijwel alle sprookjes illustreerde. Hij maakte sprookjesboeken als totaalkunstwerk. Vasili Kandinsky (1866 - 1944) verwerkte elementen uit sprookjes en legenden naast zijn meer bekende abstracte werk.
